Verbouwingen door de eeuwen heen
Het Bartholomeus Gasthuis is al zes eeuwen een toevluchtsoord voor armen, zieken en later ook voor ouderen. Het bijzondere van deze oude herberg is dat zij binnen de stadspoorten is gebouwd.
Nu staat dit gasthuis midden in het prachtige museumkwartier van Utrecht. Niet als museum, maar als een bedrijvig huis waar ouderen al eeuwenlang opvang en diensten kunnen genieten. Wellicht het oudste ´bejaardenhuis´ van Nederland dat nog zelfstandig deze functie onafgebroken heeft vervuld. Uiteraard kon dit niet plaatsvinden zonder de nodige aanpassingen en verbouwingen.
Tekening: een reconstructie van de oudste vleugel van het gasthuis in doorsnede gezien naar het westen. Tekening Afe Kipp.
De periode 1300 tot 1500
1378 Als Willem van Abcoude beschermheer van het Bartholomeus Gasthuis wordt, geeft hij opdracht voor de eerste verbouwing van het gasthuis. Hij laat het kleine gasthuis ombouwen tot een groter gasthuis. Bij deze uitbreiding wordt waarschijnlijk ook de kapel gebouwd; de stichters van het gasthuis willen namelijk graag dat er in hun gasthuis geregeld voor hun zielenheil gebeden wordt. Deze kapel (nu de hal) staat aan het eind van de grote zieke zaal (nu restaurant) zodat de zieken vanuit hun bed de dienst aan het altaar kunnen volgen. Op belangrijke feestdagen leidt de pastoor van de Geertekerk de dienst. Het Bartholomeïgasthuis wordt dan ook wel het 'Zunte Gheertruden gasthuis' genoemd.
1407 Willem van Abcoude laat een kapel bouwen waaraan een priester is verbonden.
1461 Omstreeks deze tijd krijgt het bestuur van Bartholomeusgasthuis het beheer over een aantal andere stichtingen, naast het Bartholomeus Gasthuis, zoals de Siomscameren, midden 15e eeuw gesticht door Claes Govertsz. en diens vrouw Clara Jan Henricxdochter, bestaande uit 2 huurhuizen en 15 kamers voor de armen; De cameren van den Heylighen lande, in 1496 gesticht door jonkvrouw Gheertruyt, Weduwe van Willem Arntsz., bestaande uit 6 kleine huisjes (=cameren), waarvan een viertal op grond van het Bartholomeus Gasthuis is gelegen en 2 op grond van de Geertekerk. Ook het 'Dolhuis' gesticht door Willem Arntsz. Van den Heylighen lande, kwam onder beheer van de broederschap van het Bartholomeus Gasthuis en die van het Barbara Gasthuis. <
Verbouwingen tussen 1500 en 1850
1500 - 1600 In de 17e eeuw, toen het gesticht rijker geworden was en het aantal inwoners groeide, zijn er 2 belangrijke gebouwen aan het oude gebouw toegevoegd, te weten een nieuwe kapel en een fraaie Regentenzaal.
1632-1644 Het College van Regenten heeft achter de woning van de binnenmoeder en met het uitzicht op de grote binnentuin een fraaie Regentenzaal gebouwd.
1767 In het kader van een ingrijpende verbouwing wordt de boog tussen de oude kapel en de westelijke zaal aan de Singelkant dichtgemetseld.
1818 -1819 Bij Koninklijk besluit wordt het College van Regenten der vereenigde Gods- en gasthuizen ingesteld. Als het Bartholomeïgasthuis de locatie wordt van waaruit het College van Regenten de verenigde Gods en Gasthuizen gaat leiden en alle bejaarden van de overige zes gasthuizen naar het Bartholomeïgasthuis worden overgebracht volgt een ingrijpende verbouwing.
1836 Het gasthuis wordt verder uitgebreid aan de Lange Smeestraat. In de navolgende jaren worden nabije gebouwen aangekocht en een nieuwe Oostvleugel voor 16 kamertjes is aangebouwd.
Gravure van het Bartholomeus Gasthuis naar J. de Beijer, 1744.
Foto:
Periode tussen 1850 en 1935
1850 In dit jaar wordt de oude keuken opgeknapt en wordt de woning van de directie (de binnen moeder en vader) verbeterd. Achter de verbouwde keuken komt een nieuwe keuken, die ruimer is. Op de verdieping komt er een 2e slaapzaal voor de mannen bij.
In 1864 komen er 12 nieuwe cellen voor mannen bij.
1897 De oude vervallen cameren, waarin arme mensen gratis mochten wonen worden afgebroken, evenals het vroegere Proveniershuis. Nieuwe woningen verrijzen, die aan gegadigden verhuurd worden.
1898 De regentenzaal wordt gerestaureerd.
1925 Op 1 januari 1925 treedt de regeling in werking waarbij het beheer van het Algemeen Stedelijk Ziekenhuis in handen komt van de Gemeente en het Rijk. Gelden, uit de fondsen van het broederschap Agnes van Leeuwenberg en het St. Catharijne Gasthuis, die voordien werden besteed aan het Algemeen Ziekenhuis aan de Catharijnesingel, komen vrij. Het College van Regenten bestemt het nu vrijgekomen geld uit beide fondsen voor het bouwen van een verzorgingstehuis voor oude, hulpbehoevende bejaarden; het Agnes-en Catharijnegasthuis aan de Pelmolenweg.
Foto: Zicht op de gevel aan de Pelmolenweg voor 1925. Hier was het Apostelgasthuis gevestigd, de voorloper van het Academisch Ziekenhuis
1928 Het herbouwde Bartholomeus Gasthuis is in gebruik genomen: de oude slaapzaal achter de oorspronkelijke kapel is gesloopt en nieuwe slaapzalen zijn gebouwd. Er verrijst een nieuwe vleugel in de tuin, die groter en hoger is. Daarnaast zijn enkele oude slaapzalen opgeknapt. Het huis krijgt centrale verwarming en aanvoer van warm water voor de afwasruimten en de badkamers. Er wordt een lift gebouwd en de trappen worden gerieflijker gemaakt. De centrale hal wordt gerealiseerd en een nieuwe, grotere keuken aan de zijde van de Pelmolenweg wordt gebouwd. De ramen van de regentenzaal krijgen hun oude vorm terug.
Foto: Op 16 november 1927 vindt de officiële opening van een verzorgingstehuis voor bejaarden aan de Pelmolenweg plaats. Het huis krijgt de naam; het Agnes-en Catharijnegasthuis, bestaande uit een parterre, twee verdiepingen en een kap. Extra opvallend in het straatbeeld is de brede stompe toren, mogelijk als herinnering aan de Smeetoren.
De jaren 50: andere tijden andere zeden
Nieuwe eisen worden aan de huisvesting gesteld, waardoor een verbouwing onvermijdelijk is. Door de verlaging van de verdiepingshoogte, kan een extra woonlaag gerealiseerd worden. Verder wordt de keuken aan de Pelmolenweg verplaatst naar de tuinvleugel achter de eetzaal. Op de plaats van de oude keuken komt de conversatiezaal. Ook wordt er een centraal trappenhuis gerealiseerd. In totaal komen er 69 eenpersoons- en 13 tweepersoons kamers van 10,5 en 14,5 m2. Een privé-douche en -toilet waren toen nog niet in de voorschriften opgenomen. De kosten van deze verbouwing bedraagt ongeveer 1 miljoen gulden, die uit eigen middelen is betaald.
De zeventiger jaren
In 1972 meldt het gasthuisbestuur dat het gasthuis verouderd is: de kamers hebben een wat 'benepen oppervlak', het ontbreken van eigen douche en toilet, evenals de kitchenette, zorgen voor een ouderwetse uitstraling. Renovatie blijkt extra urgent, als in 1975 de Inspectie op de Bejaardenoorden in de provincie Utrecht het gasthuis dreigt te sluiten, indien modernisering uitblijft. Het renovatieplan, om 101 personen te huisvesten op het bestaande terrein, wordt in 1978 door de Provincie goedgekeurd, maar enkele inspraakprocedures zorgen wel voor enkele wijzigingen (en vertraging). Medio 1983 lijken alle hinderissen genomen, totdat de Minister van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur plotseling een bouwstop afkondigt in het kader van een algemene landelijke bezuiniging. Dankzij acties en de steun van gemeente en provincie kan begin 1985 de verbouwing beginnen. Sloop van dit gebouw is ternauwernood afgewend.
Foto: In februari 1985 is de verbouwing van het Bartholomeus Gasthuis in volle gang.
1978
Het nieuwe complex heeft 89 éénpersoons-, 6 tweepersoonsappartementen en 4 bejaardenflats. De hoofdingang van het Gasthuis komt centraal in de monumentale gevel aan de Lange Smeestraat te liggen; een speciale dienstingang komt aan de Springweg. De tuin blijft bereikbaar via de Wolfaartssteeg (nu Springweg). Veel zorg is besteed aan het terugbrengen van het monument in de toestand van 1927.
Voor meer informatie over ons rijke verleden verwijzen wij u naar onze historie.
Foto:
<<terug

